Heeft u al een donorcodicil?

Door Anna Lamb

Al lange tijd worden we via de media bestookt met de vraag onze organen na onze dood af te staan. (zie mijn artikel in de Nieuwsbrief maart 2005)

Een aantal mensen heeft mij opnieuw gevraagd wat ik van orgaandonatie vind en wat ik met mijn organen doe, wanneer ik kom te overlijden.

Het is niet gemakkelijk deze vragen vanuit ons hoger bewustzijn te beantwoorden.

Meestal beginnen we met rationele overwegingen zoals:
Je bent toch dood, dus heb je je organen niet meer nodig.

Ben je wel echt dood wanneer ze je organen uitnemen?
Maar ook: De trillingen van je niet aangegane processen liggen besloten in je organen. Die moet je eerst uitwerken voor je het aardse verlaat. Dat kan ook na de dood nog gebeuren. Echter dit kan niet meer wanneer je je organen gedoneerd hebt. Je blijft dan verbonden met de ontvanger van het donororgaan tot deze sterft. Zo kom je niet tot totale verwerking van je levensopdracht.

We worden ook emotioneel aangesproken: o.a.door verhalen over en beelden van zieke mensen, zelfs kinderen, die na donatie van een orgaan weer werken en voetballen. Je moet wel een hart van steen hebben om dan nog nee tegen het invullen van een donorcodicil te kunnen zeggen.

En stel dat een van je kinderen of kleinkinderen bv een nier zou moeten hebben. Ik denk dat ik naar het ziekenhuis zou rennen, ongeacht mijn overtuigingen.

Wij mensen zijn nog steeds zo gehecht aan het aardse leven.Wij mensen zijn nog steeds zo gehecht aan het aardse leven. We doen er alles aan om het aardse leven te verlengen. Maar het werkelijke leven gaan we toch in na onze dood?

Velen geloven in het hiernamaals, maar is het ook een weten vanuit de ziel? Bij mij in elk geval niet zo diep dat ik vanuit die overtuiging mijn kinderen onder mijn handen zou kunnen laten sterven.

Toch is donatie ook een daad van liefde.

Ik denk aan de spirituele betekenis van mijn organen. Mijn nieren. Wat stel ik me hierbij voor? Twee boonvormige organen die alle vocht uit mijn lichaam ontdoen van afvalstoffen en dus ook van al mijn geestelijke onzuiverheden.

In gedachte zie ik mijn lever; 65 jaar beroering vanuit mijn onderbewustzijn hebben mijn lever al gepasseerd. Wat zal dat voor effect gehad hebben op dit donkerbruine grote orgaan. Zouden mijn angsten en tobberijen zichtbaar zijn bv als grote donkere vlekken of verschrompelingen.

(En dan heb ik het maar niet over mogelijke gevolgen voor mijn lever van die vele heerlijke glaasjes rode wijn!)

Mijn longen zijn nog het meest voelbaar als ik in-of uitadem. Mijn levensadem heeft daar zijn werking gedaan.
En dan mijn hart. Waarvoor en voor wie heeft dit allemaal liefdevol geklopt? Wie heb ik in mijn hart gesloten. Hoe vaak en hoe diepgaand heb ik in liefde vanuit mijn hart gesproken, geleefd, naar mezelf gekeken?

Ik voel me heel dichtbij mijn lichaam komen nu ik dit schrijf.
Het is alsof ik me hierdoor van binnenuit met elk orgaan gaandeweg het schrijven, dieper verbind. Ik streel hierdoor als het ware de plaats van mijn longen; verwarm mijn lever en mijn nierstreek; koester mijn hart in mijn handen.

Zou iemand nog iets aan dit gebutste maar door mij geliefde lichaam kunnen hebben?

En, wil ik dat wel?

Zelf weet ik het zeker. Ik wil geen donororgaan. Maar ik heb dan ook al 65 jaar geleefd.

Ik weet het, voor een wezenlijk antwoord moet ik naar binnen.
Voorbij mijn denken en mijn emoties, voorbij mijn diepste gevoel.

Daar onder ligt het echte antwoord.
Ik weet niet wat ik verwacht. Ik leg mijn vraag in mij neer en breng mijn gedachten tot zwijgen en verstil. Ik open mij voor mijn diepste zelf; mijn hoger bewustzijn.
Dan komt vanuit een totaal weten het antwoord uit mijn ziel.

Veel zal afhangen of ik al mijn processen ben aangegaan op het einde van mijn leven.

Het antwoord is geen direct nee maar ook geen uitgesproken ja.

Mijn hogere bewustzijn zal dat weten. Ik zal daar dan ook opnieuw bij te raden moeten gaan.
En wanneer ik dan besluit tot donatie, dienen er voorwaarden verbonden te zijn aan de ontvanger. Hij of zij zal zich bewust moeten te zijn van de bijzondere waarde van wat hij of zij ontvangt.Respect moeten hebben voor dit deel van mijn lichaam.

En ik, Ik zal in overgave mijn orgaan dienen af te staan, zonder verder voorbehoud. In vertrouwen mij terugtrekken, zodat de ontvanger het orgaan totaal kan bewonen. Als was het nieuw.