HET NIEUWE BEWUSTZIJN

Ikzelf oneindig binnen de aardse stof; de kern van het nieuwe bewustzijn.

(Vanuit Psychosofia)

Bewerkt door Anna Lamb-Janssen

Om het goddelijke in onszelf te ervaren, behoeven we niet buiten de gewone werkelijkheid te treden. Het ervaren van het Goddelijke is niet iets van ver weg, of iets onbereikbaars.
Niet langer behoeven we te wachten op een plotselinge verlichting in een verre toekomst.
We behoeven slechts onze ogen te openen voor het licht dat in ons en in alles is.Niemand hoeft te zeggen: daar ben ik nog niet aan toe. Elke stap wezenlijk en bewust gezet op het “Twaalfvoudige pad” is al vol licht en voldoening.

Hoe beleven we dat goddelijke in het eigen hart en in alles?
We hebben het eerder over een levenshouding dan over een spectaculaire, enerverende, plotselinge ervaring. Wanneer we eenmaal tot een niveau van bewustwording als nu gekomen zijn, dan is de werkelijke beleving ervan niet langer tot enkele momenten beperkt. Want dan blijft deze bewustwording als een voortdurende basishouding in ons leven voortbestaan. Zelfs de momenten van duisternis, de identificatie met onze schaduwzijden, kunnen dan niet meer verhullen dat we een Goddelijk wezen zijn. Als wij daarmee verbinding krijgen, met dit besef, zal ons totale bestaan deze “verlichting” blijvend met zich mee dragen.
We ontwaken, richten ons op, durven nu te erkennen wie we zijn. Wij worden eindeloos bemind. Niet langer projecteren wij onze gevoelens van afkeuring, schuld en miskenning op een God buiten ons. In gradaties van niveau laten we de in werkelijkheid grenzeloze liefde in ons en door ons stromen.Ook al kunnen we deze nog niet volledig weerspiegelen.

Niet iedereen is in staat dit gevoel voor het Goddelijke in zichzelf toe te laten; wij zijn allen op een verschillende punt van ontwikkeling.
ook zijn er onder ons die er voor gekozen hebben in dit leven zich meer met de materie, het stoffelijke te verbinden dan direct met het spirituele. Wij kunnen niet oordelen.
Belangrijk is dat we ons openstellen voor onze eigen innerlijke impulsen, die ons sturen naar ons geestelijk zijn.
De wijze waarop dit plaatsvindt is verschillend. Het kan, bijvoorbeeld, een sterk verlangen zijn naar een bepaalde vervulling in ’t leven. Als we leven naar onze eigen sturingskracht en dit leven ons met vervulling, vreugde, vrede en liefde vervult, is ons innerlijk ontwikkelingsproces optimaal aangegaan.
Laat je leiden door deze herkenning van innerlijk zuiver leven. Herken en doorzie elke beklemming, onderdrukking, beperking, schuldgevoel, angst, hoogmoed, miskenning enz. kortom alle onzuiverheden en laat deze los. Zij houden je volledige bewustwording tegen. Juist de kracht van het innerlijk uitdijende licht toont ook onze kleinheid, duidelijker en schrijnender, waardoor opnieuw oude pijnen als schuldgevoel, miskenning, wakker gemaakt kunnen worden en ons afwerend en angstig laten zijn voor zoveel licht en ruimte.
Ook kan men hierdoor vervallen in een bepaalde mate van hoogmoed, zoals: “Ik ben een uitverkorene”. We verkleinen hiermee het naderende licht in ons door ons kleine ik.

Het Goddelijke in ons is door ons niet te overzien in Zijn grootheid.
Het doet onze schaduwzijden overstijgen.
Herken nu in je momenten van dankbaarheid, een drang om te komen tot gebed; een gevoel van vrede; een gevoel van diepe stilte; een vervuld zijn van Liefde voor iedereen en alles en dat alles gewoon in je dagelijkse bezigheden en binnen je contacten.
De wortel ligt in ons diepste wezen: onze essentie. Gaat dus dieper dan ons gevoel. Verdwijnt de verstilling dan verliezen we ons in gevoelens van overweldigd zijn, zo prachtig, wat een kleuren die ik zag!
Maar dan zijn we niet meer in de stilte van ons zijn. Dus vanuit onze miskenning niet meer in die belangeloze eenheid.
Het is altijd weer van belang dat ons ik geworteld en blijft in ons.
Dan zijn we zo’n sterke persoonlijkheid, dat we geen behoefte hebben aan zulk een dikwijls onberekenbare reactie in ons. Al zijn al die gevoelens zeer mooi en indringend te noemen, toch komen zij uit een minder bewust geworden laag in ons. We kunnen zelfs tot een zeker gevoel van wantrouwen komen naar zeer grote heftige gevoelsuitingen.
Laat ons ons richten op een stil gebied van zielscontact in onszelf.
Door onze oppervlakkige gevoelens te herkennen en te doorzien, kunnen we deze zuiveren van de onvolmaaktheden die daarin meespelen. Dan kunnen we komen tot het diepere en constante gevoelen. Dat is het Hogere zijn in ons dieper ervaarbaar.
Door overgave en zich ontvankelijk te stellen voor de werking ervan kan het kontact groeien. Dit zal ervaarbaar zijn door een dieper beleven en in de doorwerking die ervaren wordt in het dagelijkse leven. We hoeven ons er niet vreselijk voor in te spannen; wij kunnen ons open stellen en bewust richten op en gebruik maken van wat als vanzelf naar ons toevloeit.
Er rest dan nog deze liefde toe te laten. Dit is moeilijk, daar we onszelf dikwijls niet in staat achten, niet waardig genoeg vinden dat we denken deze niet te kunnen dragen.
De liefde vanuit ons Hoger zijn lijkt zoveel groter dan de liefde van ons hart. Visioenen, innerlijke stemmen, “hogere” gevoelens, bijzondere verschijnselen zijn hierbij vergeleken maar zeer relatief. Ze zijn een hulpmiddel, een stimulans. Daar kan men dankbaar om en blij mee zijn, maar het verhoogt onze waarde niet. Ook niet wanneer men komt tot de gave van genezen, mediumschap en dergelijke.
Het kan tijdens allerlei fases een verworvenheid zijn, ook gedurende periodes van duisternis.
In ons leven zijn er diverse inwijdingen en verschillende gradaties. Eenmaal ontwikkelde inzichten vanuit deze diepten ons gaan niet meer verloren. Steeds weer zullen we op verschillende momenten ervaren dat deze inwijdingen in ons hebben plaatsgevonden en dat ze in ons totale gevoelsleven doorleven, als we het toelaten.

Elk contact met onze essentie wordt vanuit vrijheid gegeven.
Deze vrijheid is blijvend.
Het meest wezenlijke van het nieuwe bewustzijn is dat we niet alleen gekomen zijn tot het weten, de kennis: “ik ben in mijn diepste wezen Goddelijk”. Ook niet dat ik dit Goddelijke herken in mij zelf, maar dat ik vanuit dit Goddelijke in mezelf tracht te leven.

De grenzen om dit Hoge, dit onstoffelijke te beleven, vervagen meer en meer. Alles om ons heen zal steeds meer vanuit dit licht ons getoond worden.
Een diepliggend slapend besef is ontwaakt en toont ons de wereld vanuit andere ogen. Nu reeds zijn we heel voorzichtig tot ontwikkeling van dit oog, dit zintuig, gekomen.

Enkele nieuwe beschouwingen.
Dan komen we tot nieuwe beschouwingen.
Dan herkennen we dat heel ons leven gericht is op het ontwikkelen van zowel momenten van blijdschap als van droefheid.Dit erkennen betekent dat we reeds tot diepe overgave gekomen zijn.

Dit Goddelijke, dit Hogere, is in alles aanwezig en leidt ons naar het bewuste zijn.
Deze Goddelijkheid is de werkelijke stuurkracht in ons en in alles. Door deze kracht worden we geleid naar de zin van ons bestaan.
In alles is dit Goddelijke aanwezig, dus is alles een weerspiegeling van dat Goddelijke.

Door de herhaling van dit diep besefte inzicht, kunnen wij ons dit eigen maken en tot integratie brengen in ons leven van alle dag. Zo wordt dit zelfs een levenshouding.
Zo krijgen we meer en meer oog voor een diepere werkelijkheid.
Natuurlijk zijn er verschillen in diepgang. We bestijgen als het ware een trap. Elke trede betekent een nieuw inzicht. We bestijgen de Jakobsladder en bij het hoger gaan overzien wij een steeds wijder uitzicht.