WILSKRACHT EN WILSZWAKTE

Wilskracht en wilszwakte

Verandering van het bewustzijn door de wil van het hart.

Wat wordt verstaan onder de bewust levende mens

In deze tijd wordt het denkvermogen van de bewust levende mens geactiveerd. Onder de bewust levende mens verstaan we degene die zich bewust is van de geest; bewust ook van de eenheid met geest in zichzelf. Door dit bewuste zijn zal het denken, het denkvermogen de mogelijkheid krijgen nieuwe vormen te ontwikkelen.

Hoe zal het denken, het denkvermogen de mogelijkheid krijgen nieuwe vormen te ontwikkelen? Welke?

Deze vormen zullen verschillen van de oude en wel hierin: deze vormen zullen niet aan tijd en ruimte gebonden zijn.

De oude vormen zijn nog steeds gericht op materie, op de beperking van tijd en ruimte. Het bewuste denkvermogen is niet alleen gebonden aan de werking van de hersenen, maar is ruimer.

Het materiële denkvermogen is verdichting van het bewustzijn.
Het bewustzijn dat buiten de materie ligt; ook buiten de hersenen, waarbij de mens zich bewust opent voor die energieën; deze zullen vernieuwing brengen, zonder dat de mens zichzelf zal moeten dwingen deze vernieuwingen vorm te geven, middels handelingen in de stof.

De mens zal zijn denkvermogen activeren en openen, opdat nieuwe kennis in stilte, maar bewust, ontvangen zal worden en herkend in het hart. Daar zal het vorm krijgen, in gradaties van niveaus.

b.v. Ik weet dat er ’n hiernamaals is; hierdoor kan ik tegen mezelf zeggen geen angst voor de dood te hebben. Dit is materieel denken. Ben ik daarom ook niet angstig? Ja, alleen wanneer ik in mij hart de waarheid van dit geloof in het hiernamaals herken, zal de angst werkelijk verdwijnen.

Door het inschakelen van de vrije wil, schakelt de mens over van materie naar het ene gebied dat niet meer materie is.

Hierdoor kunnen de geestelijke energieën landen in de materie.
Het denken krijgt dan de hogere trilling van het hart.

Door het inschakelen van de wil kan de mens de handeling doen uitgaan om te komen tot indaling van geest; in het denkvermogen; door het inschakelen van de wil die zetelt in het hart; in het diepste gevoel indaling van geest

Wat er kan gebeuren is dat men er dan zo voor wil gaan staan, dat het zijn eigen zijn is; dat wordt dan ook uitgestraald. Maar daarvoor zal de wil actief moeten worden; anders blijft het een mentaal weten; dat is niet voldoende.
Wat we weten is niet voldoende, als het daardoor alleen ’n mentaal weten blijft. Het dient door onze persoonlijkheid heen te gaan. De wens tot eenheid te komen, vraagt een zuivere wil. In de bijbel wordt dat de vleugelslag van de heilige Geest genoemd.

De wil vanuit het denken is gebaseerd op bevestiging van het Ego. De wil van het hart gaat dwars door alles heen en wordt gestuurd door de wens in eenheid met het hogere te zijn, los van de vergroting van het Ego, los van elk gewin.

De wil vanuit het hart is een diep gevoel van binnen dat soms tegen de draad ingaat van het denken, van gevoelens of emoties. Dit vraagt een rustig laten opkomen; er niet tegenin gaan, dan wordt het duidelijk.

Door de wil van het denken niet tegen de wil van het gevoel te keren, maar deze toe te laten, open je je wezen. Je herkent de wil van het hart doordat deze niet groter, beter en mooier wil zijn. Door jouw denken toe te staan los te laten, verschaf je de toegang naar het hart.

Vooral voor de westerse mens is dit moeilijk: je wil, je denken terug te houden voor de wil en de wensen van het hart.

Juist op dit moment is in velen het analytisch denken sterk aanwezig. Analytisch denken verhardt, sluit af, zodat het hart niet kan spreken. Het gevoel kan niet duidelijk worden, waardoor de wil er niet op gericht kan worden. De angst in een donker gat te vallen, in een niets, veroorzaakt dat analytisch denken ons beheerst; dit is onvrijheid van de materie. Door de indaling van dit bewustzijn in het hart, zal de mens met zijn hele wezen veranderen. Ook zaken als ethiek en naastenliefde, worden nu nog vanuit het denken aangestuurd.

Het denken moet in evenredigheid en gelijkwaardigheid met het hart gebracht worden. Men dient tot zo’n groot vertrouwen te willen komen, dat dit contact met het hogere in zichzelf plaats vindt.
Dan zal men de afhankelijkheid van allerlei gedachtevormen, het lijden, het denken over zichzelf, moeten loslaten.
Deze liefdeswil brengt in de mens vernieuwing. De kracht, die ontstaat als men van de verslavende werking van het lagere denken los kan komen, er niet meer in mee wil gaan in het denken, in de emoties en in het spreken, die kracht is zeer groot. Doen wat je innerlijk voelt; opent de deur naar je eigen hart. Deze wil is de “Heilige Geest”.

Wat betekent dan: Niet mijn wil, maar uw wil geschiede?
De U in “uw wil geschiede” is het hogere bewustzijn van de mens; het goddelijke aspect in hem. Opdat geschiede wat wezenlijk is voor deze mens, waardoor hij niet vanuit het denken aan ondergeschikte belangen voorrang wenst te verlenen, ook niet vanuit angst, dus emoties, met zijn wil wil laten bepalen, maar zijn wil gebruikt om ruimte te bieden aan hogere waarden. Dit is Gods wil.

Hoe werkt de opvoeder in de hand dat kinderen willoos worden naar hun eigen innerlijke behoeftes?
Dit gebeurt als een opvoeder spontaniteit vroegtijdig en regelmatig afkapt. Spontaan gedrag komt voort uit ‘t authentieke IK van de mens. Onderdrukking, ontkenning van het recht van bestaan, onverschilligheid naar en minachting van spontaan spreken en gedrag van kinderen, geven hen het gevoel dat ook zij deze impulsen dienen te onderdrukken: dat zij geen bestaanrecht hebben; dat zij onverschillig dienen te zijn naar hun innerlijk, gevoelde impulsen; deze zelfs te minachten. Hierdoor verliest het kind uiteindelijk de moed om wat het beleeft in de kern toe te laten. Deze beleving wordt dan versluierd en zelfs ontoelaatbaar. Ook kan het zich dan niet meer vanuit de vrije wil naar buiten richten; de sprankeling van de van binnenuit gaande energie is afgedekt. Het gevolg is intense moedeloosheid.